Groep petitie jeugd-ggz 

Menno Oosterhoff

Menno Oosterhoff

Beroep:  
Kinder- en jeugdpsychiater en manager inhoudelijke zaken Jonx.

Inge van Balkom

Inge van Balkom

Beroep:
Kinder- en jeugdpsychiater en directeur behandelzaken Jonx.

Peter Dijkshoorn

Peter Dijkshoorn

Beroep:
Kinder- en jeugdpsychiater lid Raad van Bestuur Accare.

Robert Vermeiren

Robert Vermeiren

Beroep:
Hoogleraar Kinder- en Jeugdpsychiatrie aan het LUMC, hoogleraar forensische jeugdpsychiatrie aan de VU en directeur Patiëntenzorg van Curium-LUMC.

Arga Paternotte

Arga Paternotte

Beroep:
Zelfstandig publicist en adviseur, aandachtsgebied kinderen met leer- en gedragsstoornissen.

Egbert Reijnen

Egbert Reijnen

Beroep:
Voorzitter Raad van Bestuur Dr. Leo Kannerhuis, centrum voor autisme.

Else de Haan

 Foto Else de Haan

Beroep:
Else de Haan is klinisch psycholoog en bijzonder hoogleraar Cognitieve Gedragstherapie bij Kinderen en Adolescenten aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen. Bij het Landelijk Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie is De Haan voorzitter van de werkgroep Protocollaire Psychologische Behandelingen.

Birsen Başar

Foto Birsen Basar

Beroep:
Birsen is schrijfster en spreker. Sinds 2007 weet ze dat autisme heeft. Birsen schreef haar levensverhaal oorspronkelijk in het Turks en vertaalde dit later naar het Nederlands.

Justine Pardoen

Justine Pardoen

Beroep:
Justine Pardoen is hoofdredacteur van Ouders Online, dé plek waar ouders en andere opvoeders informatie en advies kunnen vinden met betrekking tot ouderschap, opvoeding en de gezondheid van kinderen. Justine is opgeleid als neerlandicus en taalkundige. Ze is auteur van diverse boeken, waaronder het Handboek Mediawijsheid op School (2010). Haar laatste boek is Focus, over sociale media als de grote afleider van pubers.

Carsten Lincke

Carsten Lincke

Beroep:
Carsten werkt als kinderarts bij het Maasstadziekenhuis in Rotterdam en is daarnaast opleider Kindergeneeskunde.

Ina van Berckelaer-Onnes

Ina

Beroep:
Hoogleraar orthopedagogiek, in het bijzonder m.b.t. kinderen met een ontwikkelingsstoornis.

Ido Weijers

Ido Weijers

Beroep:
Prof. Dr. Ido Weijers is bijzonder hoogleraar jeugdrechtspleging, politicoloog en pedagoog.

Swanet Woldhuis

Beroep:
Directeur van de landelijke oudervereniging Balans.

6 Reacties op Wie zijn wij?

  • Het misverstand bij veel mensen en ouders is dat ze denken dat ze nu jeugdzorg buiten de deur kunnen houden als de verantwoordelijkheid voor de zorg voor kinderen bij de gemeente komt. Het is noodzaak de kwestie helder te communiceren naar de betrokken ouders en families door voor en nadelen op een rijtje te zetten.
    Ik hoor nu overal: die psychiaters en hulpvrleners komen gewoon op voor hun eigen inkomen.

    Kom op met de inhoud! Kom op, Kom op !

    It is all about the future, it is all about our children…

  • Geachte lezers,
    Onze zoon is klassiek autistisch en is in de toekomst steeds meer afhankelijk van ervaren GGZ personeel. Hier kan en mag je niet op bezuinigen. Als onze
    zoon later geen goede begeleiding krijgt, komt hij in de gevangenis terecht o.i.d.
    Of toch niet in verband met de bezuinigingen… Dan pleegt hij in de toekomst wel een
    moord of pleegt hij zelfmoord. Als dit is wat deze overheid wil.
    Laten ze maar bezuinigen op topambtenaren, fraudeplegers met de belastingdienst o.i.d. Desnoods op zichzelf want functioneren in het kabinet doen ze toch niet.

    Groet een boze moeder die zich zorgen maakt om de toekomst van haar zoon

    • Beste boze moeder,

      Hartelijk bedankt voor je reactie. Wij delen je zorgen over de toekomst van je zoon en vele andere kinderen. Laat je verhaal vooral ook horen aan de Tweede Kamer. Help ons de Tweede Kamer duidelijk te maken dat dit geen oplossing is.

      De groep petitie jeugd-ggz.

  • Ik ben woedend en verdrietig over deze kortzichtige, harteloze, verwoestende bezuinigingen. Mijn zoon heeft, zoals het in de oude DSM nog heette, een ‘autistische stoornis’. Zijn TIQ was steeds onder of rond de 70. Maar door een autismedeskundige tester inmiddels bijgesteld op TIQ 123. Hij is dus goed, zelfs bovengemiddeld begaafd. Was er eerder deskundige hulp geweest dan had hij mogelijk zelfs een universitaire opleiding kunnen volgen en in in elk geval een beter toekomstperspectief gehad. Hij heeft nu niet meer dan twee klassen VSO en dat zou al heel wat zijn volgens de deskundigen. Zijn ‘ diagnose’ kreeg hij toen hij net 5 jaar was. Mogelijk dankzij een Belgische kinderpsychiater die daarin net iets verder lijken te zijn dan hun Nederlandse collegae. Het zijn ‘ kinderen die zich niet uit zichzelf ontwikkelen mevrouw, ze hebben daar veel hulp bij nodig’ kreeg ik toen uitgelegd. Zoals het vaker gaat in Zorgland, de expertise ligt vaak bij een persoon en die trekt de kar van een goede zorglijn. Na twee jaar vertrok deze psychiater uit deze instelling en werd opgevolgd door een dozijn anderen. Ik heb gezocht en geleurd voor hulp aan mijn zoon die steeds meer in zijn ontwikkeling vastliep. Algauw kreeg ik zelf het etiket van foute opvoeder, de stuklopende ontwikkeling van mijn zoon moest immers aan mij liggen. Zelfs de Raad van KB werd erbij gehaald ivm meldingen bij de vertrouwensarts. Op een haar na heb ik een uithuisplaatsing kunnen voorkomen. Voor mijn zoon zou dat funest zijn geweest. Gelukkig was toen psychiatrische instelling waar mijn zoon 2 jaar ambulant is opgenomen geweest, bereid om haar bevindingen te rapporteren aan de kinderrechter. Op zijn 14e is hij definitief vastgelopen in het speciaal onderwijs en heeft hij sindsdien letterlijk thuis gezeten omdat het ook niet meer lukte om hem naar buiten te krijgen. Hij werd toen ambulant behandeld door de RIAGG alhier, ook opnieuw gediagnosticeerd met ASS. Behandelaars bleven helaas maar steeds te kort om zijn stagnerende ontwikkeling vlot te trekken: de een ging met zwangerschapsverlof, de ander verhuisde, voor de ander werd de aanstelling niet verlengd etcetera. Op zijn 18e viel hij onder chronische volwassenenzorg. Jeugdzorg kon nog hulp thuis bieden en dat kon echter niet meer door volwassenenzorg. Mijn zoon was er helemaal niet meer toe te bewegen het huis uit te gaan, al helemaal niet om naar een vreemde hulpverlener op een voor hem nog onbekende plek te gaan. De GGZinstelling heeft toen het contact beëindigd omdat ze niet verder met hem kwamen. Wel kreeg ik nog het advies ‘schrijft u hem maar in bij een woningcorporatie voor een woning, misschien dat hij dan wel in beweging komt’. Ik heb met hulp van MEE gezocht naar een behandelaar die bereid was thuis te komen. Maar je wordt steeds terugverwezen naar de eigen regio die echter niets kan bieden. Via bemiddeling van een psychiater uit een andere regio, heeft de GGZinstelling de behandeling weer opgepakt die dan toch weer thuis kon komen. Maar ondanks zorgplan kwam er niets van de grond door frequent vertrekkende (hoofd)behandelaars, interne reorganisaties etcetera. In 2007 heeft hij een indicatie gekregen voor beschermd wonen. De wachtlijst was lang, maar omdat mijn zoon eigenlijk die stap nog niet kon zetten, wascdat geen ramp. Voor hem is dat immers een proces dat veel tijd en aandacht vraagt. De indicatiesteller van het CIZ is thuis gekomen en hij kreeg een ZZP 4C indicatie. Een ZZP was toen nog vrij nieuw. Tot mijn verbazing werd mij toen de vraag voorgelegd hoe hij deze indicatie wilde ‘verzilveren’. Na de aanvankelijke keuze voor zorg in natura diende zich toen alweer een interne reorganisatie aan bij de GGZinstelling. Hij zou alweer met een nieuwe zorgverlener te maken krijgen. Pas na 9 maanden zonder hulp werd de opvolger bekend en toen deze vervolgens alweer niet aan huis ‘mocht komen’, maakt mijn zoon sindsdien gebruik van een PGB. Daar koopt hij nu zorg en begeleiding voor in die bij hem past en vooral continue en vertrouwd is. Het duurt een jaar, zelfs nog langer voordat hij enigszins vertrouwd is geraakt met iemand zodat er gerichte activiteiten ondernomen kunnen worden. Ook krijgt hij hulp van een vrijgevestigde GZpsycholoog die deels betaald wordt uit de aanvullende verzekering en deels uit het PGB als het gaat om begeleiding. Inmiddels is hij 30 jaar en heel langzaam ontwikkelt hij zich weer. Zijn niveau en denkwijze is nog steeds heel kinderlijk en door het jarenlange isolement zijn heel veel dingen en ontwikkelingen op allerlei gebied hem onbekend. Ook heeft hij nu medicatie waardoor hij toegankelijker en minder angstig reageert. Ik heb hem onlangs zover gekregen dat hij door een instelling buiten onze regio met expertise op het gebied van autisme opnieuw is gediagnosticeerd en daar kwam opnieuw een autistische stoornis uit. Na alle verwijten en twijfels aan mijzelf als opvoeder snakte ik ook naar erkenning en ook naar duidelijkheid wat er gaande is met mijn zoon. Is het echt alleen maar een kwestie ‘ om hem maar in te schrijven bij een corporatie en dat het dan wel zal lukken met hem’? Het heeft mij geraakt dat,na al die jaren van leuren, zoeken, omgaan met een kind met forse gedragsproblemen, de moordende energie die het kost om zo’n kind alleen al door de dag en dagelijkse gang van zaken te krijgen…eindelijk een behandelaar vroeg ‘ en hoe is het met u, moeder van.. trekt u het nog?’ Ik ben ik blij geweest met de positieve ontwikkelingen op het gebied van diagnostiek, hulp en erkenning i.v.m. ASS. Ook heel erg hoopvol. Tenslotte komt er ook een dag dat ik er niet meer voor hem kan zijn en dan hoop ik dat er iemand is die op hem let en begripvol tegemoet komt. Voor mij bezorgt het toekomstperspectief van verwaarlozing en onachtzaamheid,waartoe deze bezuinigingen ongetwijfeld toe leiden, nu al nachtmerries. realiseert dit kabinet zich wel wat men te weeg brengt en hoe kinderen hiermee opnieuw ‘ weggestreept’ worden. Voor mijn zoon is de positieve ontwikkeling in diagnostiek, hulp en begeleiding t.a.v. ASS veelal te laat gekomen. Voor mij is ook de hoop weg dat die er ooit komt voor volwassenen zoals mijn zoon en dan in onze regio ( het uiterste zuiden van het land). Voor een gewone GGZ is hij onvoldoende taalvaardig. Nog steeds is er nog onvoldoende deskundige hulp en ondersteuning in veel regio’s. Dat geldt voor de jeugd en zeer zeker voor (jong)volwassenen. De deskundige hulp is nog volstrekt onvoldoende, bijvoorbeeld ook voor beschermd kunnen wonen. Het Leo Kannerhuis heeft destijds de opdracht van VWS gekregen om haar expertise ‘ over het land uit te rollen’. Wat komt daar nog van terecht.? De GGZ hier in de regio heeft voor de chronische volwassenenzorg al 2/3 wegbezuinigd zoals woonvoorzieningen, dagbesteding, scholingrojecten, ontmoeting. Ook ervaren zorgverleners moeten afvloeien. Hoe gaat dit verder? Ik vind het belangrijk dat goede deskundige hulp voor de jeugd blijft en dat deze niet ten prooi valt aan gril en willekeur. Uit onderzoek blijkt toch ook dat hoe vroeger de hulp aan kinderen kan starten, hoe beter het toekomstperspectief is. Kinderen worden door goede en adequate hulp bijvoorbeeld in staat gebracht als hun talenten te ontwikkelen. Als deze bezuinigingen doorgaan wordt er een streep gezet door de toekomst van kinderen. Het is weer terug naar af en wat dat betekent heb ik, naar ik hoop, met mijn verhaal kunnen illustreren.